Vijf redenen waarom een leven zonder Google beter voor je is

Een wereld zonder Google is haast niet voor te stellen. De techreus heeft langzaam maar zeker ieder hoekje van ons online bestaan geïnfiltreerd, waardoor bijna alles dat we doen via de servers en algoritmes van het Amerikaanse bedrijf gaat. Maar zou dat inmiddels niet anders moeten?

De concurrentiestrijd tussen de zoekmachines is inmiddels al lang gestreden. Op desktopcomputers gebruikt 91 procent van alle Nederlanders inmiddels Google, een percentage dat bij smartphones oploopt naar zelfs 98 procent. Dat blijkt uit statistieken van Internet World Stats. Het betekent dat bijna al het online zoekverkeer in Nederland via Google loopt.

Ondertussen wordt 28 procent van alle e-mails verstuurd vanaf een Gmail-adres. Videosite YouTube heeft twee miljard gebruikers, terwijl 79 procent van alle internetgebruikers een account voor die dienst heeft. Ondertussen draait een derde van de verkochte slimme speakers op de stemassistent van het bedrijf en lezen miljoenen mensen iedere dag het nieuws op Google News.

Dat is heel veel macht voor één bedrijf. Google heeft jarenlang als bedrijfsmotto “don’t be evil” gehad, maar er zijn toch een paar redenen te bedenken waarom je de internetgigant misschien niet overal moet gebruiken. We zetten er vijf op een rij.

Reden 1: Google verdient geld aan je

Het is een cliché dat we al jarenlang over internetbedrijven horen: “Als je er niet voor betaalt, ben jij zélf het product.” Dat is bij Google ook het geval. Jij bent namelijk niet een klant bij Google, dat zijn grote advertentiebedrijven. Het bedrijf verkoopt advertenties gericht aan jou en miljoenen andere mensen over het hele internet. Daar verdient Google grof geld mee, omdat het bedrijf al zijn gebruikers tot in detail profileert. Een advertentie voor een nieuwe jas verschijnt bij modekenners, terwijl reclame voor games bij gamers terechtkomen.

Dat doet Google met de data die je genereert terwijl je zijn diensten gebruikt. Het betekent dat jouw zoektermen, e-mails in Gmail, chatgesprekken in Duo en afspraken in Calendar allemaal worden verzameld om dat reclameprofiel samen te stellen. Voor sommigen geen probleem, maar voor anderen is het een principiële kwestie. Niet iedereen wil immers dat een algoritme door privémails struint om vervolgens geld te verdienen voor een ander.

Die data worden overigens niet door Google verkocht aan andere partijen. Logisch ook, want al die informatie over jou is veel te kostbaar om zomaar uit handen te geven. In plaats daarvan kopen adverteerders reclameruimte in bij Google, waarna het bedrijf zelf bepaalt bij wie de banners het beste getoond kunnen worden.

Door over te schakelen naar een betaald alternatief, word je ineens zelf weer de eigenaar van je data. Je kunt bijvoorbeeld bij een provider iedere maand betalen voor een domein en bijbehorend e-mailadres. Dat kost je een paar euro per maand, maar je weet dan in elk geval vrij zeker dat je informatie niet wordt ingezet voor advertentieverkoop.

Reden 2: Je privacy staat op het spel

Dit punt gaat hand in hand met het argument dat we hierboven maakten. Hoe meer diensten van Google je gebruikt, hoe meer informatie het bedrijf over je te pakken krijgt. Ineens kan één partij zien waar je bent, met wie je praat en waar je allemaal in geïnteresseerd bent.

Vroeger was dat niet zo heel erg, omdat je online leven grotendeels losstond van wie je in de echte wereld bent. Maar inmiddels raken we langzamerhand versmolten met onze online identiteiten. Bijna alles dat je in de echte wereld doet, gaat samen met een paar verstuurde mails of een zoekpoging. En al die informatie blijft bij Google. Het betekent dat de zoekreus buitengewoon persoonlijke dingen over je te weten komt, terwijl je die veel liever privé zou houden.

Een klein voorbeeld: zoek je op Google naar ringen, dan wordt dit in je zoekgeschiedenis bewaard. Als je tegelijkertijd bij een webwinkel verlovingsringen bestelt, duikt daar een bestelbevestiging van op in je Gmail-inbox. Ineens heeft Google alle informatie om te ontdekken dat je jouw vriendin tijdens een vakantie naar Japan ten huwelijk wilt vragen – iets wat je zelfs je familie en beste vrienden nog niet hebt verteld.

Google zegt niet op individueel niveau zulke informatie te doorgronden. In plaats daarvan worden onze data op grote schaal verwerkt en ingezet om trends voor bijvoorbeeld advertenties vast te leggen. We hebben bovendien strenge privacywetten die inperken wat überhaupt mag. Maar het bedrijf heeft al die informatie wel. En als Google daar geen misbruik van maakt, wie weet doet een hacker die bij de techreus inbreekt dat ooit wel.

Bovendien is de zoekreus al meerdere malen op de vingers getikt om zijn privacypraktijken. De Consumentenbond diende in 2018 nog een klacht in bij de Autoriteit Persoonsgegevens, omdat telefoons met het besturingssysteem Android privédata zoals locatiegegevens verzamelen zonder expliciete toestemming. Dat zou in strijd zijn met de Europese privacywet die eerder in dat jaar in werking trad. De privacyautoriteit heeft deze klacht overigens nog steeds niet afgehandeld, omdat er sinds de invoering van de nieuwe wet buitengewoon veel privacyklachten binnenstromen.

In 2019 schikte het bedrijf in de Verenigde Staten voor 170 miljoen dollar, nadat de Amerikaanse handelswaakhond stelde dat het bedrijf de privacywet voor kinderen in het land had geschonden. Deze wet verbiedt Google en zijn concurrenten om op grote schaal informatie van minderjarigen te verzamelen, maar dat leek in het land alsnog te gebeuren. Dat gebeurde vooral op videosite YouTube, die uitermate populair is onder jongeren.

Dat alleen kan al reden zijn om voorzichtig te zijn met wat je wilt delen. Hoewel Google belooft goed om te gaan met je privacy – en misschien zelfs goede intenties heeft – zijn er buitengewoon veel voorbeelden van situaties waar het bedrijf zich op een dwaalspoor leek te bevinden. Je kunt er simpelweg niet zeker van zijn dat één bedrijf de komende jaren of zelfs decennia altijd correct met je informatie zal omgaan.

Uiteraard is hetzelfde te zeggen over andere bedrijven, zelfs partijen die beloven privacy als hun grootste speerpunt te zien. Daarom is het verstandig om je gegevens op te splitsen tussen meerdere bedrijven. Op die manier voorkom je niet dat je privacygevoelige informatie in handen van een ander is, maar dat is inmiddels ook haast onmogelijk. Je zorgt er wel voor dat je informatie verspreid is over meerdere partijen en dus niet misbruikt kan worden om één gigantisch, intiem profiel van je samen te stellen.

Reden 3: Je komt in een bubbel terecht

Achter de zoekmachine van Google schuilt een complex algoritme dat aan de hand van verschillende factoren bepaalt wat er bovenaan de resultatenlijst staat. Het moet ervoor zorgen dat het bovenste resultaat meteen ook het meest relevant is en je niet door meerdere pagina’s hoeft te zoeken voor een antwoord op je vraag.

Dat algoritme baseert zich deels op de inhoud van een webpagina: wordt het woord dat je zoekt vaak op een pagina genoemd, dan staat die hoog in de resultaten. Maar er speelt nog een belangrijk element een rol: jouw eigen online gedrag. Blijkt hieruit bijvoorbeeld dat je een fotograaf bent, dan zal de zoekmachine bij de zoekterm “smartphone” iets vaker telefoons met extra goede camera’s tonen. Ben je een man? De shoppingresultaten laten vaker heren- dan damesschoenen zien.

Die gepersonaliseerde resultaten maken zoeken iets makkelijker. De kans is immers kleiner dat je iets te zien krijgt wat helemaal niks met jou te maken heeft. Maar het zorgt er ook voor dat je langzaam maar zeker in een bubbel terecht kunt komen. Google trekt je langzaam in een online wereld die helemaal draait om je eerder bepaalde voorkeuren.

Dat zie je bijvoorbeeld bij het zoeken naar nieuws op het internet. Bezoek je vaak rechtse nieuwssites, dan zal het algoritme je op termijn vaker artikelen van die sites gaan voorschotelen. Google ziet immers dat je daar graag komt. Maar hierdoor kom je ook steeds minder vaak op linkse websites. Je komt vooral op sites die jouw politieke punt valideren, in plaats van dat je over tegengestelde standpunten leest. Dat kan nog extreme vormen aannemen als je vaak op websites met complottheorieën en nepnieuws terechtkomt, al probeert de zoekreus berichten daarop wel steeds vaker te factchecken.

Die bubbel geldt ook bij onschuldigere onderwerpen zoals je hobby’s. Wie vooral op Google zoekt naar technologieonderwerpen, zal niet snel in aanraking komen met totaal iets anders. De kans dat je op iets nieuws en interessants stuit is kleiner. Dat geldt nog meer voor de advertenties op websites, die door het gebruik van Google-diensten alleen producten tonen die jou interesseren.

Zo’n bubbel kun je doorbreken door een andere zoekmachine te benutten, die jouw persoonlijke voorkeuren niet gebruikt bij resultaten. Het zorgt ervoor dat je vaker in aanraking komt met dingen buiten je belevingswereld en een bredere blik krijgt.

Reden 4: Eén grote marktleider is slecht

Google is op veel gebieden de absolute marktleider geworden. Leuk voor de oprichters van het bedrijf, maar zo’n dominante marktpositie brengt een hoop nadelen met zich mee voor ons, de gebruikers. Een gebrek aan een grote concurrent zorgt ervoor dat Google weinig hoeft te doen om ons als gebruikers vast te houden.

De gevolgen daarvan waren onlangs merkbaar op de webbrowsermarkt. Daar heeft Chrome op dit moment een marktaandeel van een kleine 70 procent, met als grootste concurrent Firefox dat 7,6 procent in handen heeft. Microsoft probeerde met zijn nieuwe webbrowser Edge een deel van de markt te veroveren, maar stuitte op problemen door de gigantische schaal van Google.

Omdat Chrome door het merendeel van de mensen wordt gebruikt, zijn ook de meeste websites geoptimaliseerd voor die webbrowser. Dat geldt al helemaal voor sites zoals Gmail en YouTube, die door Google zelf worden beheerd. Het Edge-team probeerde zijn browser ook goed te laten werken met de populairste sites, maar kwam steeds hogere drempels tegen. Google-sites die het de ene dag deden, bleken een dag later op mysterieuze wijze niet meer goed in de browser te functioneren.

Acer Chromebook Spin 311 CP311-2H-C3DG

Uiteindelijk koos Microsoft het hazenpad: de nieuwste editie van Edge draait op Chromium, waardoor het aan de binnenkant in feite een andere versie van Googles browser is. Google bezit hierdoor nog een groter stuk van de browsertaart en heeft een grotere invloed op hoe websites gebouwd en geoptimaliseerd moeten worden.

Overstappen naar een webbrowser van een andere partij is hierdoor lastig: je loopt immers tegen optimalisatieproblemen aan. Maar het is juist daarom iets om te overwegen. Door bijvoorbeeld Firefox of Safari te gebruiken, geef je een duidelijk signaal af. Je vermindert het marktaandeel van Chrome een klein beetje en helpt een kleinere partij om te concurreren tegen het dreigende monopolie van Google.

Reden 5: Amerikaanse bedrijven zijn grillig

Het hoofdkantoor van Google bevindt zich in de Verenigde Staten, wat voor ons Europeanen de nodige implicaties met zich meebrengt. Zo gelden in Amerika bijvoorbeeld andere wetten waar het bedrijf zich aan moet houden qua dataverwerking. De Europese Privacy Shield-wetgeving moest reguleren hoe de Amerikanen met onze gegevens mogen omgaan, maar die wet is op 16 juli 2020 door het Europese Hof van Justitie ongeldig verklaard.

Een nieuwe wet is in de maak, maar lijkt nog lang niet in zicht te zijn. Europa is er berucht om buitengewoon langzaam te zijn bij dergelijke initiatieven. Met andere woorden: Google hoeft op het moment niet heel erg veel te doen om onze Nederlandse data op Amerikaans grondgebied te beschermen. Dat feit alleen al brengt allerlei extra privacybezwaren met zich mee.

Daarnaast raak je als Google-gebruiker verwikkeld in een complex, politiek web. Het zoekbedrijf moet de grillen van de Amerikaanse overheid opvolgen als er sancties worden opgelegd. Telefoons van het Chinese Huawei mogen bijvoorbeeld niet meer de volledige versie van Android draaien wegens de handelsoorlog tussen de twee landen.

De apps TikTok en WeChat moeten bovendien uit de appwinkels van Amerikaanse techreuzen worden gehaald wegens zorgen om de nationale veiligheid. Concreet bewijs van spionage door deze apps is vooralsnog niet gevonden. Het lijkt allemaal een politiek spel van de zittende president Donald Trump, waar Google door de locatie van zijn hoofdkantoor wel in mee moet gaan.

De impact daarvan is voelbaar in de Verenigde Staten, maar ook gewoon hier in Nederland. Het Amerikaanse bedrijf moet zijn beleid namelijk internationaal toepassen. Ook Huawei-telefoons in Europa hebben dus geen Android en vermoedelijk verdwijnen de apps ook in de appwinkels die wij kunnen bezoeken.

Stap je over op een Europees alternatief, dan heb je twee voordelen: ten eerste ben je niet langer afhankelijk van wat er aan de andere kant van de wereld op politiek gebied gebeurt. Daarnaast valt alles dan onder de Europese privacywet, die vrij streng reguleert wat er zoal is toegestaan met je data.

En nu?

Denk je na het lezen van dit artikel 'ik wil wel van Google af'? Dan heb je alternatieven nodig. Voor heel wat diensten. Dus stap af van Chrome of browsers die op Chromium draaien (Edge, Opera, et cetera). Neem een andere e-mailprovider. Kies voor een iPhone, want ook Android is van Google. Bekijk video's op sites als Vimeo en ga voor een privacyvriendelijke zoekmachine als DuckDuckGo. Vrij rigoureuze stappen dus. Zo zie je maar weer dat Google's tentakels zich ver spreiden! 

Geschreven door: Bastiaan Vroegop op

Category: Nieuws, Security

Tags: google, Privacy