Op deze website gebruiken we cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Ook delen we informatie over uw gebruik van onze site met onze partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services. Meer informatie.

Akkoord
abonneren

Levensecht virtueel racen met peperdure 'racing rig'

Toen Joep Willemsen begon met iRacing deed hij dat met een klein groepje van twintig man, een stuurtje en één beeldscherm. Inmiddels racet Joep virtueel met 200 anderen, organiseert hij toernooien en heeft hij een ‘racing rig’ in zijn huis van enkele duizenden euro’s. PCM ging bij deze koploper op bezoek.

Joep doet aan iRacing, een realistische race-simulator waarmee hij met teamgenoten over virtuele circuits kan rijden. Anders dan racen met een controller of een toetsenbord en muis heeft hij echter een ‘rig’ gemaakt in zijn huis, als een cockpit van een echte racewagen die meer waard is dan veel echte auto’s op de weg. De rig bestaat uit vier beeldschermen, een stuur, echte pedalen, een degelijke koptelefoon, en natuurlijk een flinke gaming-pc om het geheel aan te sturen. Een paar keer per week stapt Joep in de rig voor een echte race die online wordt gereden.

iRacing

Dat racen gebeurt via iRacing.com, een community waar je voor een klein bedrag per maand races kunt rijden of organiseren. “Het mooie van iRacing is het realisme. Dat zeggen pro-racers ook allemaal als ze trainen met iRacing.” Dat het racen zo natuurgetrouw aanvoelt, komt onder andere doordat alle circuits door iRacing met een laser gescand worden.

“Zo voel je alles, ieder hobbeltje en iedere oneffenheid”, zegt Joep. Daar komt ook bij dat de auto’s allemaal uniek zijn. Die zijn gebaseerd op details die de fabrikant geeft, inclusief alle telemetrie van een auto. Daarom konden sommige auto’s zoals die van Porsche lange tijd niet worden gebruikt in iRacing, omdat de Duitse fabrikant geen licentie afgaf. Aan de andere kant kun je van de auto’s die beschikbaar zijn werkelijk álle statistieken bekijken en aanpassen. “Bandenspanning en profielen zijn bijvoorbeeld allemaal verschillend per auto, dat voel je heel goed.”

De community is voor Joep echter het belangrijkst. iRacing heeft wereldwijd enkele tienduizenden racers, die op basis van een ingewikkeld puntensysteem in bepaalde klassen worden opgedeeld. Daarnaast is het mogelijk zelf races te organiseren met andere spelers.

Community

Het racen en het bouwen van een goede rig is dan ook slechts een deel van Joeps hobby. Minstens zo belangrijk is de community waar hij lid van is en die hij onderhoudt. Dat is een groep van zo’n 200 rijders, die regelmatig online samenkomen om tegen elkaar te racen.

De groep (‘GoT Racing’) is voornamelijk actief op Gathering of Tweakers, het forum van de bekende techsite. Daar vond Joep een paar jaar geleden een kleine maar hechte groep van iRacers waar hij al snel lid van werd. Inmiddels beheert hij het deel van het forum en heeft hij een website gemaakt met informatie over ‘zijn’ community.

Het racen heeft veel meer om handen dan alleen het sturen en gas geven. Iedere twaalf weken stelt Joep samen met een paar teamleden namelijk een wedstrijdschema op voor de komende drie maanden. Die bestaat uit een wekelijkse race waar iedereen zich voor kan inschrijven. De groep kiest een circuit uit, en een auto om mee te rijden.

Eens in de maand, op een zaterdag, organiseert Joep ook een endurance-race van drie of vier uur. Hij rijdt dan zelf niet mee. “Een aantal van ons is dan alleen maar bezig met tijden bijhouden, live race control, incidenten in de gaten houden, stop and go-penalty’s uitdelen ...”

Een endurance-race is een serieuze zaak. Joep houdt de wedstrijd bij, maar er is ook een team dat van een afstandje commentaar op de race geeft, en nog anderen die de camerabeelden bedienen. “Bovendien is er dan een heel wedstrijdreglement waaraan alle rijders zich moeten houden. Dat wordt een half uur vóór de race besproken. Dat is in totaal wel 26 pagina’s!”

Kosten

Het duurste is voor Joep zonder twijfel de hardware. Natuurlijk ging het upgraden daarvan geleidelijk aan, zegt hij Hij begon simpel: één beeldscherm, met een stuur van Logitech en een paar goedkope pedalen. In het begin was dat genoeg, want Joep was vooral onder de indruk van iRacing. “Voor die tijd had ik weleens een PlayStation gekocht, en daar speelde ik dan games op als Dirt en later Gran Turismo, maar dat was het allemaal net niet. Het voelde heel arcade. De auto’s reageren slecht en zijn eigenlijk allemaal hetzelfde, en de circuits zijn allemaal iets te glad.”

Joep weet waar hij het over heeft. Vroeger racete hij ‘in het echt’, op circuits zoals de TT in Assen, en in Zandvoort. Hij sleutelde ook veel aan auto’s, knapte ze op, maar na een verhuizing kostte het reizen steeds meer tijd en lukte het hem niet zijn hobby nog uit te voeren. Na een periode waarin hij met modelauto’s ging racen bleek ook dat een kostbare en tijdrovende hobby te zijn die moeilijk met zijn werk te combineren was. Toen hij met iRacing begon, had hij daar meteen een goed gevoel bij. “Ik stapte in een virtuele Mazda MX5 en dacht meteen: ‘Ja, nu voel ik het!’”

Omdat hij zijn simulatie zo realistisch mogelijk wilde hebben, was zijn eerste simpele stuur niet genoeg. Hij wilde een echte hebben, een degelijke, met een nauwkeurige motor zonder tandwieloverbrenging. Die heeft hij inmiddels, een Fanatec CSW V2 met een groot BMW-logo in het midden.

Op het stuur zit een flink aantal knoppen waaraan je bepaalde acties kunt koppelen, maar daarvoor gebruikt Joep liever een echte buttonbox. Het stuur dat Joep voor zich heeft is één van de meest essentiële onderdelen van de rig. “Ik begon met een simpel stuur, de Logitech G27, een beetje het instapmodel, dat met echte tandwielen werkt. Dat voelde voor mij echter niet heel goed, dus heb ik geïnvesteerd in een unit van Fanatec. Die heeft ‘force feedback’-motoren aan de binnenkant. Daarmee voel je alles terug in je stuur, zoals de onderstuur van je auto.”

Virtual reality? Nee.

Naast het stuur zitten twee kleine beeldschermpjes. Eentje daarvan laat informatie zien over het brandstofverbruik in de auto en de positie waarin Joep in de race ligt, een ander toont informatie over rondetijden en bijvoorbeeld het oliepeil van de auto. En aan de rand van de hele rig heeft Joep ook nog een aparte monitor gemonteerd die al die informatie nóg eens weergeeft, maar dan met nog meer details. Het zijn echter de drie schermen die op de rig zitten waar de echte actie plaats vindt. Eentje vóór Joep, en twee aan de zijkanten geven een kijkhoek van bijna 180 graden.

Meer dan genoeg, maar ooit probeerde hij virtual reality uit. “Het leek een logische keus, maar daar ben ik snel van teruggekomen. Het werkte uiteindelijk helemaal niet.” Joep ging voor een Oculus Rift, maar ontdekte een paar grote nadelen.

“De resolutie is veel te laag, je kunt de pixels tellen.” De Oculus heeft twee schermen met een 720p-resolutie, genoeg om redelijk te kunnen zien maar niet te zwaar voor de grafische processen. Voor het racen was het echter te weinig. “Daar komt ook bij dat je het tijdens zo’n wedstrijd ontzettend warm krijgt met zo’n ding op, en het helpt ook niet mee dat ik een bril draag. Dan zit die Rift toch veel minder fijn.” Bovendien was het kleine beeldscherm met brandstofinformatie niet te zien – wel handig tijdens het rijden.

Specificaties

Om de vele informatie op de drie schermen goed weer te kunnen geven koos Joep voor de beste grafische kaart die er was, de GTX 1080 van GeForce. Dat is ook wel nodig als je meerdere beeldschermen hebt en je de beelden zo snel mogelijk wilt renderen. Dat zit ‘m vooral in de virtuele achteruitkijkspiegels op de schermen. Die vragen veel rekenkracht, ook al zijn het maar kleine beelden op het beeldscherm.

“Mijn eerste computer had een i7-processor en een GTX 970, maar na een tijdje bleek dat niet genoeg te zijn. Ik heb toen een betere grafische kaart gekocht, en misschien moet er in de toekomst nog een extra kaart in.” Dat moet als Joep nieuwe beeldschermen wil hebben. Dat heeft nu nog geen prioriteit, “maar wel een droom”. Nu heeft hij nog drie beeldschermen hangen, maar dat zijn ‘gewone’ 60Hz-monitoren van 24 inch. “Die had ik nog liggen en ze werken goed, maar het kan beter. Eigenlijk wil ik schermen van 144 Hz, want dan zie je alles nóg beter.”

De computer zelf heeft alles wat je nodig hebt van een degelijke gaming-computer. Naast de snelle gpu heeft Joep er twee ssd’s in zitten, een harde schijf van een terabyte, een Intel Core i7 en 16 GB aan ram.

Geluid

Een ander belangrijk aspect dat je mist bij het racen in VR is het geluid. Daarvoor heeft Joep een Steelseries-hoofdtelefoon gekocht, de Siberia 800. Die geeft niet alleen het geluid goed weer, maar heeft ook handige knoppen om over te schakelen naar TeamSpeak waarmee hij tijdens de race met zijn racegenoten praat. Het geluid is essentieel tijdens de race.

“Je hoort dan de banden beter, zodat je weet hoe je aan het rijden bent.” Op de pedalen lijkt Joep nog het meest trots. Die komen van Heusinkveld Engineering. Niet goedkoop, maar volgens Joep zijn ze het geld meer dan waard. “Bij deze pedalen rij je op druk en op kracht. Dat onthoud je veel beter dan pedalen met potmeters en het voelt natuurlijker aan.”

Het geheel wordt bij elkaar gehouden door een uitgebreide constructie van aluminium buizen, een Obutto R3volution. Daarmee zijn de schermen allemaal afzonderlijk van elkaar te verstellen zodat je makkelijk in en uit de racestoel kunt klimmen. De constructie houdt de pedalen goed op zijn plek, wat van pas komt met de kracht die je op het gas en de rem moet zetten.

Aan de achterkant heeft Joep de draden zo goed mogelijk georganiseerd en vastgebonden, maar het onzichtbaar wegwerken zou wel érg veel moeite hebben gekost. Hij wijst op de twee witte stekkerdozen waar alle stroom vanaf komt. “Sommige puristen zien dat en vragen je dan waarom je in hemelsnaam geen zwarte stekkerdozen hebt om het mooier af te werken. Nou, zo belangrijk is dat nou ook weer niet.”

Joep is heel tevreden over zijn rig. “Betere hardware maakt je niet per se een betere racer. We hebben iemand in onze groep die met een goedkoop stuur en pedalen rijdt maar wel tot de wereldklasse behoort, dus dat heft elkaar niet op. Het gaat mij vooral om het realisme en het race-gevoel, en dat kan altijd wel beter.”

Nieuwe monitoren van 144 Hz staan daarom op het verlanglijstje, maar in een ideale wereld zou Joep ook wel een ander stuur willen. “Een direct aangedreven stuur is helemaal onbetaalbaar, dat kost zomaar méér dan 2.000 euro. Maar voorlopig ben ik wel even tevreden met wat ik hier heb staan!”

Geschreven door: Tijs Hofmans op

Category: Nieuws, Games

Tags: iracing, rig, racing, games

Nieuws headlines

Laatste reactie