abonneren

De rooskleurige toekomst van de deelfiets

deelfiets
Nederland is bij uitstek een fietsland. Een groeiend aantal fiets-start-ups wil naar de volgende fase van fietsen toe, met allerlei creatieve oplossingen zoals leaseconstructies en deelfietsen, veelal gebaseerd op moderne technologie en geïnspireerd door Spotify en Netflix.

Nederlanders houden van fietsen. Jaarlijks leggen we miljoenen kilometers af op onze tweewielers, waarvan er niet minder dan 22,5 miljoen in Nederland zijn. Dat betekent dat Nederlanders gemiddeld 1,3 fiets tot hun beschikking hebben!

Dat zou weleens kunnen gaan veranderen. De deelfiets is namelijk aan een opmars bezig en in drukke steden zoals Amsterdam springen start-ups die ‘iets’ met fietsen doen als paddenstoelen uit de grond. De makers noemen twee belangrijke redenen waarom deze moderne versie van het wittefietsenplan anno 2018 wél kans van slagen heeft.

Van bezit naar gebruik

De eerste daarvan is de shift van bezit naar gebruik; een cultuuromslag waar veel start-ups vertrouwen in hebben. “Fietsen verandert langzaam van eigendom naar huur”, vertel Steven Uitentuis van SwapFiets (zie bovenstaande afbeelding). Voor 15 euro per maand kunnen gebruikers een SwapFiets leasen die thuis wordt afgeleverd. Als er iets stukgaat aan de degelijke omafietsen of als je een lekke band hebt, komen reparateurs bij je thuis om het te repareren. Het idee is populair: SwapFiets is inmiddels in veertien Nederlandse steden beschikbaar.

“In de tijd van Spotify en Netflix verandert alles naar een abonnementsmodel”, denkt Uitentuis. “Dus ook de fiets. Vooral studenten willen wel een goede fiets, maar je wilt niet elke keer een nieuwe zoeken en al helemaal niet denken aan de vele verborgen kosten.”

Deeleconomie

In steeds meer grote steden verschijnen start-ups die wel heil zien in de deeleconomie. Dezelfde principes die platformen als Uber en Airbnb zo populair maken zou, je ook kunnen toepassen op fietsen. En dat is wat er volop gebeurt.

Dat denkt ook Vikenti Kumanikin van FlickBike, een start-up die het mogelijk maakt om een fiets mee te nemen van verschillende locaties in Amsterdam. “Vroeger had je de verschuiving van offline naar online, toen die van papier naar digitaal. Inmiddels zitten we in de verschuiving van bezit richting gebruik. Mensen willen minder vaak een fiets bezitten, maar er nog wel een gebruiken.”

deelfiets

Een ander punt dat volgens Kumanikin bijdraagt aan de populariteit van deelfietsen is de verbeterde technologie. “Een fiets is niet langer een offline product. Met een slim slot en gps heb je een digitaal voorwerp, en dat leent zich beter voor een deelconcept. Je trekt dan de toegang tot het product los van de hardware.” De meeste deelfietsen die nu in de hoofdstad rondrijden, zijn dan ook van dergelijke technologieën voorzien. En ze zijn met een Android- of iOS-app makkelijk door iedereen te gebruiken.

Smart cities

Die digitalisering maakt het ook makkelijker voor planologen om hun langgekoesterde wens voor een ‘smart city’ eindelijk te verwezenlijken. Dat probeert Sito Veracruz ook, met zijn bureau City Makers. In opdracht van de gemeente Amsterdam werkt hij aan concepten waarmee fietsen op straat beter kunnen worden verdeeld. Deelfietsen zijn daar een onderdeel van, maar belangrijk is volgens Veracruz ook dat je fietsen op een andere manier benadert. “Als we beter in de gaten houden wat er met fietsen gebeurt, voorkom je ook veel overlast.”

Veracruz doelt daarmee op het hoge aantal fietsendiefstallen en doorverkopen, waardoor er gigantische hoeveelheden fietsen in Amsterdam geparkeerd staan waar geen overzicht over is. “Nederlanders hebben niet alleen de fiets zelf in hun cultuur zitten, maar ook het risico dat die regelmatig gestolen wordt. Daardoor bouwt men minder snel een band op met een fiets zoals je dat wel met een auto doet.” Om hier iets aan te veranderen, moet bijvoorbeeld worden gezorgd dat fietsen makkelijk terug te vinden zijn – ook de fietsen die mensen wél gewoon nog bezitten, bijvoorbeeld door registratienummers te gebruiken.

Veracruz wil met City Makers een systeem ontwerpen voor het in kaart brengen van fietsen in de stad. “Interoperabiliteit is daarbij bijvoorbeeld wel handig. Verschillende start-ups met allemaal een eigen systeem om fietsen te tracken zijn wat verwarrend. Idealiter wil je dat de gemeente toegang krijgt tot die data om fietsstromen in kaart te brengen.”

Grote stad, grote problemen

Veel fiets-start-ups kunnen financieel alleen in grote Randsteden bestaan. Ze zijn actief in Amsterdam, soms in Rotterdam of Utrecht, maar inwoners van Overijssel vissen vaak achter het net. Aan de andere kant brengt de grote hoeveelheid fietsen juist in de hoofdstad weer andere problemen met zich mee. Met nóg meer fietsen wordt de overvolle binnenstad alleen maar drukker. Bovendien moeten er ophaalstations worden geplaatst waar de fietsen geparkeerd kunnen worden – dat kost flink wat ruimte.

Daarom besloot de gemeente Amsterdam vorig jaar het aantal ‘deelfietsen’ terug te dringen naar een maximum van 9.000, om zo te voorkomen dat de stad overspoeld wordt door fietsen. Ook wil de gemeente ‘leren van het gebruik’, zodat het later aanpassingen kan doen. En de gegevens daarvoor mogen aangeleverd worden door maximaal drie bedrijven die later dit jaar worden uitgekozen.

deelfiets

Dat kan desastreuze gevolgen hebben voor start-ups zoals FlickBike, zegt Kumanikin. Als het bedrijf niet bij de drie uitverkoren start-ups zit, is het voorbij. Die kans is bovendien best aannemelijk, ondanks het feit dat Kumanikin als Amsterdamse ondernemer veel beter begrijpt wat inwoners van de hoofdstad nodig hebben.

“De eisen die de gemeente stelt zijn erg streng, bijvoorbeeld aan kwaliteit van de fiets maar ook aan de technologie. Bovendien moet je verplicht beginnen met minimaal 1.000 fietsen en moeten ze een X-aantal keer gebruikt worden. Dat maakt het voor kleine start-ups veel lastiger een goede ‘business case’ rond te krijgen dan voor bijvoorbeeld internationale bedrijven zoals O-Bike.”

Regulering

Zowel Kumanikin als Veracruz zien dat de gemeente worstelt met regulering en dat het daarom al in een vroeg stadium actie wil ondernemen. Kumanikin: “Dat is ook niet verkeerd. Deeldiensten zoals Uber en Airbnb zijn niet inherent slecht, maar je moet wel de juiste maatregelen nemen om eerlijke concurrentie te behouden en niet te veel overlast te veroorzaken.”

Toch vervangt de deelfiets de gewone fiets niet zo snel, denkt Kumanikin. “Ik denk dat dat gewoon naast elkaar kan bestaan.” Hij denkt ook dat de deelfiets een goede opstap is naar het delen van auto’s. Dat lijkt nog ver weg, omdat kopers een hechtere band opbouwen met hun auto, onder andere door de hogere aanschafkosten. “De toegang tot de fiets is altijd gemakkelijker geweest dan tot de auto. De succesvol deelfietsprogramma kan laten zien dat de deelauto ook toekomst heeft.”

Geschreven door: Tijs Hofmans op

Category: Nieuws, Algemeen

Tags: Verkeer, flickbike, swapfiets